Verhoging van pensioen

Ons indexatiebeleid

Als je pensioen opbouwt, wordt je opgebouwde pensioen vanaf 2023 verhoogd op basis van de afgeleide prijsinflatie met een maximum van 5%. Dit heet indexatie en vindt jaarlijks plaats op 1 februari.

verhoging-van-pensioen-stel-ipad 750 x 250

De pensioenaanspraken van actieve deelnemers groeien elk jaar mee met de stijging van de prijzen

Wij gaan uit van de stijging van het afgeleide prijsindexcijfer alle bestedingen zoals dat wordt gepubliceerd door het Centraal Bureau voor de Statistiek. De verhoging van de pensioenaanspraken is gelijk aan de gemiddelde stijging van dit prijsindexcijfer over de afgelopen 2 jaar met een maximum van 5%. Wij kijken voor beide jaren naar de periode van november tot november.

De toeslagverlening wordt door de werkgever gefinancierd uit de premie die door SSPF in rekening wordt gebracht. Deze onvoorwaardelijke verhoging vindt jaarlijks plaats op 1 februari. De verhoging geldt ook voor deze pensioenen:

  • Het verevend ouderdomspensioen van de ex-partner van een deelnemer in dienst.
  • Het tot de pensioendatum uitkerende partnerpensioen, wezenpensioen en aanvullende partnerpensioen van de overleden deelnemer in of uit dienst.
  • Het basissalaris voor het arbeidsongeschiktheidspensioen (AOP).

Als het kan, groeit het pensioen van deelnemers uit dienst en pensioengerechtigden mee met de prijzen

We kijken naar de stijging van het afgeleide prijsindexcijfer alle bestedingen over de maanden november tot november in het vorige jaar volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek. Dit is een voorwaardelijke verhoging. Het bestuur van Stichting Shell Pensioenfonds (SSPF) besluit elk jaar of de pensioenen verhoogd kunnen worden. Dat kan alleen als de financiële situatie van SSPF goed genoeg is.

Voor de voorwaardelijke verhoging is geen reserve gevormd en wordt geen premie betaald. De verhoging wordt uit beleggingsrendement gefinancierd. Het is dus niet zeker of wij de komende jaren de pensioenrechten ook kunnen verhogen.

verhoging-van-pensioen-vader-dochter 600 x 337

De verhogingen

Op 1 februari 2025 zijn de pensioenaanspraken met 1,65% verhoogd

De prijsontwikkeling uitgaande van het ‘afgeleide prijsindexcijfer alle huishoudens’ over de periode november 2023 tot november 2024 was 3,1%. De prijsontwikkeling uitgaande van het ‘afgeleide prijsindexcijfer alle huishoudens’ over de periode november 2022 tot november 2023 was 0,2%. Het gemiddelde van deze prijsstijging over de afgelopen 2 jaar is dus 1,65%.

In de afgelopen 10 jaar verhoogden wij de pensioenen van actieve deelnemers zo:

Datum verandering Verhoging Onze ambitie* Prijsstijging**
1 februari 2025 1,65% 1,65%  3,3%
1 februari 2024 5,0% 5,0%   3,8%
1 februari 2023 5,0% 5,0% 10,0%
1 februari 2022 2,0% 2,0%   2,7%
1 februari 2021 0,0% 0,0%   1,3%
1 februari 2020 2,0% 2,0%   2,6%
1 februari 2019 1,0% 1,0%   1,7%
1 februari 2018 1,0% 1,0%   1,4%
1 februari 2017 0,0% 0,0%   0,3%
1 februari 2016 0,0% 0,0%   0,6%

* Van 2015 tot en met 2021 groeiden de pensioenaanspraken mee met de ontwikkeling van de salarisschalen van Shell Nederland B.V. Hierbij werd uitgegaan van de meerderheid van de 100% schaalposities van de salarisgroepen 1 tot en met 15. In 2022 verhoogden we de pensioenaanspraken met een vast percentage van 2%.

** Bron Centraal Bureau voor de Statistiek, consumentenprijsindexcijfer alle bestedingen per kalenderjaar.

Op 1 februari 2025 zijn de pensioenen van deelnemers uit dienst en gepensioneerden met 3,1% verhoogd

De prijsontwikkeling uitgaande van het afgeleide prijsindexcijfer alle bestedingen over de periode november 2023 tot november 2024 was 3,1%.

In de afgelopen 10 jaar verhoogden wij de pensioenen van deelnemers uit dienst en gepensioneerden zo

Datum verandering Verhoging Extra verhoging* Onze ambitie** Prijsstijging***
1 februari 2025 3,1%
3,1%  3,3%
1 februari 2024 0,2%
0,2%  3,8%
1 februari 2023 8,0% 4,1% 12,1%  10,0%
1 februari 2022 5,0% 0,7%   5,0%    2,7%
1 februari 2021 0,0%     0,7%    1,3%
1 februari 2020 1,6%     1,6%    2,6%
1 februari 2019 1,6%      1,6%    1,7%
1 februari 2018 1,5% 1,1%   1,5%    1,4%
1 februari 2017 0,6%
  0,6%    0,3%
1 februari 2016 0,1%     0,1%    0,6%

* In 2018 is de rest van de niet verleende indexatie uit 2012 ingehaald. In 2022 is de nog niet verleende indexatie van 0,7% uit 2021 ingehaald. In november 2023 is de in februari 2023 nog niet verleende indexatie van 4,1% alsnog toegekend.

** Bron: Centraal Bureau voor de Statistiek, consumentenprijsindex alle bestedingen afgeleid. Vanaf 2016 wordt gekeken naar de referentieperiode november – november (voorheen was de referentieperiode maart - maart).

*** Bron Centraal Bureau voor de Statistiek, consumentenprijsindexcijfer alle bestedingen per kalenderjaar.